Roelofs nu echt wethouder, De Vroome zwaait geëmotioneerd af - RTV Arnhem

ARNHEM - Bob Roelofs is officieel wethouder van Arnhem. 29 van de 38 aanwezige raadsleden stemden woensdagavond voor zijn benoeming. Zijn voorganger Hans de Vroome nam geëmotioneerd afscheid.

Nadat vorige week alle elf aanwezigen op de ledenvergadering van Roelofs zijn partij Arnhem Centraal de voordracht goedkeurde, was ook deze laatste 'hobbel' een formaliteit. Zijn naambordje was al op de wethouderskamer geschroefd. "Het was netjes geweest om daarmee te wachten tot na het besluit", erkent burgemeester Ahmed Marcouch na de ophef die SP'er Gerrie Elfrink daarover maakte. "Maar een bordje dat is opgeschroefd, kan er ook weer af", merkt hij op.

Dat was dus niet nodig. In de raad klinkt veel vertrouwen in de benoeming van Roelofs. "We mogen veel van deze man verwachten", weet Nico Wiggers (Arnhemse Ouderenpartij) die ook al zo lang meegaat, dat hij Roelofs nog meemaakte in de tijd dat hij voor D66 in de raad zat. "Hij kent de stad als zijn broekzak", ziet Klaartje van Dillen (CDA).

'Veel te kritisch'

Mattijs Loor (D66) herinnert Roelofs eraan dat hij ooit zei nooit in aanmerking te zullen komen voor het wethouderschap omdat hij daar 'veel te kritisch' voor zou zijn. Zelf werden zijn voormalig partijgenoten onlangs uit de coalitie gezet, waardoor Roelofs nu wethouder kan worden. Volgens Loor was dat juist omdat zij niet kritisch mochten zijn.

En dat maakte dat D66-wethouder Hans de Vroome deze avond noodgedwongen afscheid moest nemen. Helaas zonder zijn geliefde witte wijn met bitterballen, constateert Loor.

'Kunnen meer voor elkaar betekenen'

Bij zijn laatste woorden heeft De Vroome moeite zijn emoties de baas te blijven. "Er is hier meer te doen, als het aan mij had gelegen", zegt hij. Hij wenst de raad, het college en de medewerkers een betere omgang met elkaar toe. "In een geoliede samenwerking, kunnen jullie nog meer voor elkaar betekenen."

Met rode ogen en een wuifend armgebaar naar zijn collega's, verlaat hij de raadszaal.

Door: Huibert Veth