Afdrukken
Bevat Video: Video
Ankeiler: “De nieuwe generatie moet zelf bepalen of het voor hen zin heeft om te herdenken.

ARNHEM - “De nieuwe generatie moet zelf bepalen of het voor hen zin heeft om te herdenken. Je gaat niet iets herdenken om het gedenken”, dat vindt de 93-jarige KNIL-veteraan Bol Kerrebijn uit. In een gesprek met Mitchell de Vries staat hij stil bij zijn leven als militair.

In de tuin van het militair tehuis Bronbeek legt de veteraan uit hoe zijn strijdbaarheid is ontstaan. Hij belandt als jongetje van 6 in een gesticht in toenmalig Nederlands-Indië. Dit komt doordat zijn Nederlandse vader is overleden en zijn moeder zelf de zorg niet aankan. Zo begint het overleven.

“Je bent grootgebracht op een bepaalde wijze. Het leven in een gesticht, of internaat, is een harde opvoeding,” legt Kerrebijn uit, “maar passend voor mij omdat daarop de oorlog volgt. Ik ben daar eigenlijk klaargestoomd om in die omstandigheden te kunnen overleven.”

Achteraf gezien is hij erg blij dat op een strikte manier opgevoed is. Met huivering in zijn stem vertelt hij dat het hard werken was in een gesticht. “Je moet echt alles doen en samen met elkaar zien te overleven.” Dit vergt al vanaf jongs af aan veel zelfstandigheid. De zelfstandigheid die hij opgedrongen krijgt, is later ook zijn redding.

“In de oorlog heb je, je eigen wetten. Er word je wel verteld wat je moet, maar er zijn ook momenten dat niemand je bevelen geeft en dan moet je zelfstandig zijn”. Dat is volgens Kerrebijn de confrontatie met de werkelijkheid. “Daardoor heb ik weten te overleven, anders was ook ik een van de gestorvenen in die tijd.”

Je nuttig maken om aan de dood te ontsnappen

Ondanks dat Indië in zijn tienerjaren bezet is door de Japanners weet hij aan de dood te ontsnappen. Vrienden, familie, buren en kennissen hebben dat geluk niet en laten het leven. Hij geeft aan van geluk te spreken dat hij buiten de kampen heeft geleefd. Dit omdat hij zich nuttig weet te maken. Zo jaagt hij op wilde zwijnen, die door de bezetter in beslag worden genomen. De afspraak is dat de gedode zwijnen naar het huis van de bezetter worden gedragen. “Dat hebben ze ook altijd gedaan.” Op die manier weet Kerrebijn voor zijn familie voedsel op tafel te krijgen.

Na de Japanse capitulatie is er een periode zonder gezag in Nederlands-Indië; ook wel de Bersiap genoemd. Onder meer de Nederlanders en de met Nederlandse of Europese afkomst staan onder de dreiging van de bevolking. Hij wil weerstand bieden tegenover de gruweldaden van de Indische bevolking en zoekt zo snel mogelijk naar een militaire eenheid.

Zo komt hij in de KNIL, het Koninklijk Nederlands Indische Leger. “Typerend is dat er in die tijd geen opleiding is. Het moet allemaal geïmproviseerd worden. Je moet zelf uitzoeken hoe je militair wordt.” Daaraan weet hij met zijn achtergrond weer een goede draai te geven. In uniform met een granaat aan zijn riem en een tommy gun op zak vecht hij de tegen de radicale inwoners van zijn vaderland.

Van overleven naar leven

Na de Bersiap te hebben overleefd komt Kerrebijn in 1950 als KNIL-militair naar Nederland. Hier volgt hij de opleiding tot beroepsmilitair en dient hij tot 1982 als beroepsmilitair. Kerrebijn geeft aan Nederland een fantastisch land te vinden vanwege alle mogelijkheden maar ook de vrijheden. Ook is hij helemaal op zijn plaats in Arnhem en loopt hij graag door de omgeving en schildert hij met veel passie.

De veteraan mist zijn geboorteland niet en slaat verzoeken om familie in Indonesië op te zoeken af. “Die relatie met het niet terug willen gaan, zit hem alleen maar in het feit dat er toen mensen waren die zo deden als dat in hun kraam te pas kwam. Zij leven nog, net als ik. Dus als het puntje bij paaltje komt zijn zij tot hetzelfde in staat. Dat is mijn definitie daarvan. Daarmee wil ik mij niet confronteren want ik ga niet meer naar hun pijpen dansen. Je bent namelijk zelf in deze tijd veranderd. Ik heb dan ook geen haat tegenover die mensen, maar het gebeurd mij dan ook niet een tweede keer dat ik weer moet overleven.”

Bij het terugkijken op de periode in voormalig Nederlands-Indië, is er ook een andere kant van het verhaal. “Ik ben blij dat ik die tijd heb meegemaakt. Ik vind het de mooiste tijd van mijn leven ondanks dat het hard was, maar zo is het leven.”

💬 Mail ons!
Heb jij een tip of opmerking? Mail naar de redactie: redactie@rtvarnhem.nl.

Deel dit artikel