'We mochten geen kritische vragen stellen', D66 reageert op Arnhemse coalitiebreuk - RTV Arnhem

Fractievoorzitter Mattijs Loor (D66). Foto: Omroep Gelderland

Fractievoorzitter Mattijs Loor (D66). Foto: Omroep Gelderland

ARNHEM - Volgens D66-fractievoorzitter Mattijs Loor ging de kritiek van zijn voormalig coalitiepartners, die hem donderdag aan de kant zetten, niet alleen over toon en houding. Er werd zijn partij wel degelijk gevraagd minder kritische vragen te stellen, vertelt hij vrijdag aan Omroep Gelderland.

De dag nadat hem het nieuws in een gesprek van 'een paar minuten gewoon werd medegedeeld', voert teleurstelling bij hem nog altijd de boventoon. "Ook jammer dat er wel voor gekozen is om achter onze rug om met anderen te spreken, maar niet met ons", doelt hij onder meer op het feit dat Arnhem Centraal afgelopen weekend al werd gepolst als nieuwe coalitiepartner.

Zie ook: Partijen voor breuk al in gesprek over nieuwe Arnhemse coalitie

De bewering van GroenLinks, VVD en PvdA dat er met D66 niet te praten viel, kan Loor niet staven. "We zijn regelmatig bij elkaar geweest de laatste tijd. Er was nooit een gesprek waar we niet bij wilden zijn. Maar in die gesprekken gaan we wel zelf over wat we zeggen", stelt Loor.

De reactie van D66-fractievoorzitter Mattijs Loor. De tekst gaat daaronder verder.

Terugkijkend op het veelbesproken discriminatiedebat, waarbij de houding van D66 volgens Leendert Combee (VVD) de druppel was, kon zijn fractie geen conclusies trekken voor het debat gevoerd was, legt Loor uit. "En dat hadden ze wel graag willen horen. Dan is het misschien vervelend dat wij de zekerheid niet kunnen geven die andere partijen verlangen: maar dat had wel met de inhoud van het dossier te maken."

Uiteindelijk zegde D66 aan het einde van dat debat de steun voor PvdA-wethouder Martien Louwers op in de affaire over het rapport dat discriminatie binnen de gemeente aantoont, maar jarenlang werd achtergehouden.

'Druk om wethouders te steunen'

"De druk om vooraf afspraken te maken om de wethouders te blijven steunen, werd ons zeker opgelegd", ervaart Loor. "Maar voor ons was duidelijk dat we die steun echt niet op voorhand konden uitspreken."

Het woord achterkamertjes, vindt Loor niet fijn. "Het is een feit dat er wordt overlegd achter de schermen. We proberen dat wel tot een minimum te beperken. En zeker verantwoording, moet altijd in de openbaarheid met de raad worden afgelegd: dat is onze basishouding."

Goed democratisch bestuur vraagt om een goede controle, stelt Loor. "En ook die emmer is volgelopen. Het werd steeds duidelijker hoe slecht de raad geïnformeerd was. Dat maakt onze toon feller. Die noodzaak wordt ook groter als het steeds moeilijker is om het stadsbestuur te controleren. Als dingen slecht worden uitgevoerd of zaken worden achtergehouden, heeft ieder raadslid in mijn ogen de plicht om zo scherp mogelijk te zijn."

'Onze toon is aanleiding voor'

Toch wordt zijn partij lastig gevonden omdat ze zich kritischer opstellen dan anderen, analyseert Loor. "Natuurlijk heeft dat ook te maken met de manier waarop je dat brengt. Maar het is niet zo dat de andere partijen onze inhoudelijke kritiek altijd maar prima vonden. Er is letterlijk tegen ons gezegd door coalitiepartners dat we niet zo kritisch moeten zijn en minder lastige vragen moesten stellen."

"Ja, wij zijn lastiger, kritischer en scherper van toon", erkent Loor. "Maar daar is wel altijd een aanleiding voor."

Dat hij voor de tweede keer in anderhalf jaar door zijn voormalig coalitiepartners aan de kant wordt gezet vanwege 'de relatie' voelt voor Loor heel vervelend. "Vooral ook omdat direct duidelijk was dat er nergens meer over te praten viel. Daar was geen behoefte aan. Er is niet op mijn voorstel ingegaan om met elkaar terug te blikken en vooruit te kijken."

Terugblikkend op de afgelopen drie coalitiejaren meent Loor dat er een 'fundamenteel verschil in houding' was op momenten dat het spannend werd. "Dan gaat het over zaken die je vooraf als coalitiepartijen met elkaar of met wethouders bespreekt."

'Lastig zijn, niet altijd verkeerd'

"Wij wilden daarin nooit als coalitiepartijen informatie eerder van het college krijgen. Geen afspraakjes vooraf: het debat voer je in de openbaarheid. Ook dat werd lastig gevonden. Maar zo kijken wij aan tegen transparant stadsbestuur. Lastig zijn, is niet altijd verkeerd."

Loor snapt het beeld naar de buitenwereld van Arnhemse politici die weer rollebollend met elkaar over straat gaan. "Daar ben ik ook zeker niet trots op. Maar ik stel wel dat dit niet onze keuze is geweest."

Woensdag zal een debat plaatsvinden over de ontstane situatie. Als de raad het wil en de situatie werkbaar blijft, zal D66-wethouder Hans de Vroome zijn werk blijven doen tot er een nieuwe coalitie is, laat Loor weten.

Zie ook:

Dit is een verhaal van De Belofte, ons platform voor gemeentepolitiek. Heb jij nieuws? Tip ons dan hier.

Door: Huibert Veth

Deel dit artikel